Frits Spits

Frits Spits komt ter wereld in Eindhoven als Frits Ritmeester op 19 januari 1948. Zijn vader was huisarts en clubarts van voetbalclub PSV. Zijn moeder is schrijfster.
Zijn liefde voor muziek begon al op de Universiteit Utrecht. Hij haalt zijn docotoraal Nederlands met een scriptie waarin hij aantoonde dat Nederlandstalige hits een bepaald tekstpatroon hadden.
Na drie jaar als docent Nederlands, ontdekte Felix Meurders hem. Spits was al tijdens zijn studententijd bezig als dj en mocht een proefuurtje radio maken voor de VARA in 1973. Uiteindelijk kwam hij bij de NOS terecht waar hij in 1978 begon met De Avondspits op Radio 3. In 1988 stopte hij tijdelijk met het programma om zich op het televisieprogramma Nieuwsspits te storten, maar dat was geen succes. Na een korte periode voor TV10 van Joop van den Ende, kwam hij op 1 april 1990 terug bij de NOS om nog vijf jaar De Avondspits te presenteren.
Op 24 februari 1995 was de laatste uitzending van het programma en stapte Spits over naar de KRO. Vanaf die tijd is hij tussen 12:00 en 14:00 uur te horen in Tijd voor Twee op Radio 2.
Vanwege zijn 60e verjaardag wordt Spits op 21 januari 2008 in een speciale uitzending in het zonnetje gezet. Hij zit dan ook 35 jaar in het vak. Van locoburgemeester Leo Janssen van Laren krijgt hij een koninklijke onderscheiding (Ridder in de Orde van Oranje Nassau). "Ik ben sprakeloos", reageerde Spits. "Ik ben Nederlander in hart en nieren. Toen ik de kersttoespraak hoorde van de Koningin over meer tolerantie en verdraagzaamheid, toen dacht ik: dat zijn woorden naar mijn hart. Dat juist zij mij heeft onderscheiden, dat beschouwik als een buitengewoon grote eer. Ik ben er stil van, hartelijk dank." Hij krijgt ook de Radio 2 Zendtijdprijs vanwege zijn lange staat van dienst.
De Avondspits komt eenmalig terug op 3FM op 23 januari 2008. Op initiatief van De Coen & Sander Show is Spits weer te horen tussen 18:00 en 19:00 uur.
Op 4 september 2008 ontvangt Spits de Marconi Award voor zijn hele oeuvre als radiomaker. In september 2008 brengt hij ook zijn boek ‘Zestig Strepen’ uit, waarin Spits zestig liedjes beschrijft die mede bepalend zijn geweest voor zijn muzikale voorkeur.

